ECLI:NL:RBDHA:2016:12255
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. van Rij
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navorderingsaanslag wegens afkoop pensioenaanspraak bij ontbinding holding
Eiser was directeur-grootaandeelhouder van een holding die deelnam in een werkmaatschappij die in 2012 failliet ging. De holding besloot tot ontbinding per 31 december 2012 waarbij de pensioenaanspraak van eiser werd verrekend met zijn schuld in rekening-courant. Verweerder legde een navorderingsaanslag op waarin deze afkoop van de pensioenaanspraak als loon uit vroegere arbeid werd aangemerkt op grond van artikel 19b van de Wet op de loonbelasting 1964.
Eiser voerde aan dat er geen rechtmatige pensioenvoorziening was omdat geen pensioenbrief werd gevonden en dat er geen voordeel was genoten omdat geen financiële transactie ten grondslag lag aan het afzien van de aanspraak. Verweerder stelde dat sprake was van afkoop of vervreemding van de pensioenaanspraak en dat deze terecht tot het loon werd gerekend.
De rechtbank oordeelde dat ondanks het ontbreken van een formele pensioenovereenkomst de pensioenvoorziening feitelijk bestond en dat de verrekening van de pensioenaanspraak met de schuld aan de holding neerkomt op afkoop of vervreemding in de zin van artikel 19b, onder b, Wet LB. De navorderingsaanslag is daarom terecht opgelegd. De revisierente en heffingsrente zijn eveneens correct berekend. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Partijen kunnen tegen deze uitspraak binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: De navorderingsaanslag wegens afkoop van de pensioenaanspraak is terecht opgelegd en het beroep wordt ongegrond verklaard.