ECLI:NL:RBDHA:2016:11576
Rechtbank Den Haag
- Wraking
- G.P. Verbeek
- H.W. Vogels
- D.G.J. Dop
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wraking kantonrechter afgewezen wegens te late indiening
In een civiele procedure over gebreken aan een verkochte woning diende verzoeker een wrakingsverzoek in tegen de kantonrechter. Verzoeker voelde zich door de kantonrechter tijdens de comparitie van partijen aangevallen en meende dat de rechter partijdig was, wat zijn onderhandelingspositie zou hebben verzwakt.
De wrakingskamer heeft vastgesteld dat het wrakingsverzoek niet tijdig was ingediend, aangezien de feiten die het verzoek onderbouwen al tijdens de zitting op 11 juli 2016 bekend waren, terwijl het verzoek pas op 1 augustus 2016 bij de rechtbank binnenkwam. Verzoeker heeft geen voldoende reden gegeven voor de vertraging.
De kantonrechter en belanghebbende stelden dat er geen sprake was van vooringenomenheid of partijdigheid en dat partijen gelijke kansen hadden gekregen om hun standpunten toe te lichten.
De wrakingskamer verklaarde het verzoek niet-ontvankelijk en bepaalde dat de hoofdzaak wordt voortgezet zoals die stond ten tijde van het wrakingsverzoek. De beslissing werd op 19 september 2016 openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek is te laat ingediend en daarom niet-ontvankelijk verklaard.