ECLI:NL:RBDHA:2016:11405
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek op grond van ongeloofwaardigheid seksuele gerichtheid en terugkeer Nigeria
Eiser, een Nigeriaanse nationaliteit bezittende man, heeft op 15 juli 2014 een asielaanvraag ingediend. De staatssecretaris wees deze aanvraag af omdat de verklaringen van eiser over zijn homoseksuele gerichtheid en terugkeer naar Nigeria niet geloofwaardig werden geacht. De rechtbank bevestigt deze beoordeling.
De rechtbank stelt vast dat eiser essentiële gegevens heeft achtergehouden, zoals zijn huwelijk met een Nederlandse vrouw, en geen bewijs heeft geleverd van zijn terugkeer naar Nigeria, zoals paspoortstempels of ziekenhuisopnames. De geloofwaardigheid van zijn asielrelaas wordt getoetst aan de Werkinstructie 2015/9 en een recente uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak.
Verweerder heeft het bewustwordings- en acceptatieproces van eiser omtrent zijn seksuele gerichtheid onderzocht, maar de verklaringen van eiser waren summier, tegenstrijdig en onvoldoende onderbouwd. Gezien de maatschappelijke en wettelijke context in Nigeria acht de rechtbank de beweringen van eiser niet aannemelijk.
Daarom komt eiser niet in aanmerking voor een verblijfsvergunning op grond van artikel 29 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er worden geen kosten aan één van de partijen opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens ongeloofwaardigheid van de seksuele gerichtheid en terugkeer naar Nigeria.