Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.De procedure
- het verzoekschrift, ter griffie ingekomen op 4 december 2014, met producties;
- het verweerschrift, met een productie.
- [verzoekster], bijgestaan door voornoemde advocaten, haar echtgenoot de heer [echtgenoot] en een begeleidster mevrouw [begeleidster 2];
- namens de politie: mevrouw [jurist], jurist, en de heer [docent], IBT-docent, bijgestaan door voornoemde advocaat;
- namens Achmea: voornoemde advocaat.
2.De feiten
3.Het geschil
- te oordelen dat de politie aansprakelijk is voor het ontstaan en de gevolgen van het [verzoekster] op 13 februari 2012 overkomen dienstongeval, voor welke aansprakelijkheid de politie zich heeft verzekerd bij Achmea;
- te oordelen dat Achmea gehouden is de schade die [verzoekster] ten gevolge van het ongeval heeft geleden en nog zal lijden op grond van artikel 7:954 BW Pro rechtstreeks aan haar te vergoeden;
- de kosten verband houdende met dit verzoek te begroten op € 7.387,78, te vermeerderen met het te betalen griffierecht en te bepalen dat die kosten door de politie dan wel Achmea moeten worden vergoed.