ECLI:NL:RBDHA:2015:3305
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot verrekening dubbele detentie met ISD-maatregel
Eiser heeft meerdere detentieperiodes doorlopen, waaronder een gevangenisstraf van 19 dagen en een ISD-maatregel van twee jaar. Hij stelt dat het strafrestant van 19 dagen tweemaal ten uitvoer is gelegd, waardoor de ISD-maatregel 19 dagen te laat is aangevangen. Eiser vordert daarom vervroeging van de ISD-maatregel met 19 dagen.
De Staat betwist de dubbele tenuitvoerlegging en voert aan dat de ISD-maatregel volledig moet worden uitgevoerd zonder verrekening met eerdere detentie. De rechtbank constateert dat uit de registratiekaarten niet met zekerheid kan worden vastgesteld of de strafrestant dubbel is uitgevoerd, maar acht het mogelijk.
Desondanks wijst de rechtbank de vordering af omdat de wet geen grondslag biedt voor verrekening van detentie met de ISD-maatregel. De ISD-maatregel moet volledig worden uitgevoerd, ook als deze feitelijk detentie betreft. De rechtbank veroordeelt eiser in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot vervroeging van de ISD-maatregel met 19 dagen wegens vermeende dubbele detentie wordt afgewezen.