Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.De procedure
- de dagvaarding van 10 maart 2015 met productie 1-15;
- de incidentele conclusie tot onbevoegdverklaring met een productie;
- de incidentele conclusie van antwoord met twee producties.
Rechtbank Den Haag
In deze zaak vordert Crocs dat Real wordt verboden inbreuk te maken op haar merken-, model- en auteursrechten, onder meer vanwege de invoer van 15.000 schoenen die door de Nederlandse douane zijn aangetroffen. Real betwist de bevoegdheid van de Nederlandse rechtbank en stelt dat alleen de Duitse rechter bevoegd is, omdat zij in Duitsland is gevestigd en de goederen daar verhandeld zouden worden.
De rechtbank oordeelt dat op grond van artikel 97 lid 5 GMVo Pro en artikel 82 lid 5 GmodVo Pro de Nederlandse rechter bevoegd is, omdat de inbreukmakende goederen in Nederland zijn ingevoerd, wat een aan de merkhouder voorbehouden handeling is. Dit geldt ook voor de auteursrechtelijke en onrechtmatige daad vorderingen op grond van artikel 7 lid 2 EEX Pro II-Vo. De relatieve bevoegdheid is niet betwist.
De rechtbank wijst het incidenteel gevorderde af en verklaart zich internationaal en relatief bevoegd. De beslissing over de proceskosten wordt aangehouden tot de hoofdzaak is beslist. De zaak wordt verwezen naar de rol voor verdere behandeling.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich internationaal en relatief bevoegd en wijst het incidenteel gevorderde af.