ECLI:NL:RBDHA:2015:11520
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortduren maatregel bewaring en uitzicht op uitzetting naar Afghanistan
Eiser, van Afghaanse nationaliteit, is op 8 juli 2015 een maatregel van bewaring opgelegd op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding.
De rechtbank toetste of sinds het sluiten van het eerdere onderzoek de maatregel nog rechtmatig was. Eiser voerde aan dat het zicht op uitzetting naar Afghanistan ontbrak, omdat de laatste succesvolle uitzetting meer dan zes maanden geleden had plaatsgevonden en onduidelijkheid bestond over de behandeling van zijn laissez-passeraanvraag.
Verweerder verklaarde dat er recent meerdere uitzettingen naar Afghanistan hadden plaatsgevonden, de laatste op 6 juli 2015, en dat er gesprekken lopen met Afghaanse autoriteiten over een Memorandum of Understanding. Tevens is een persoonlijke presentatie van eiser bij de Afghaanse autoriteiten gepland, wat volgens de rechtbank een redelijk vooruitzicht op verwijdering biedt.
De rechtbank concludeerde dat de maatregel van bewaring niet in strijd is met de Vreemdelingenwet en dat de belangenafweging de voortzetting rechtvaardigt. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af omdat er een redelijk vooruitzicht op uitzetting naar Afghanistan bestaat.