ECLI:NL:RBDHA:2014:12119
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verblijfsvergunning zelfstandige wegens onvoldoende hoorplicht
Eiser, een Egyptische nationaliteit dragende ondernemer, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met als doel arbeid als zelfstandige. Deze aanvraag werd afgewezen omdat het ondernemingsplan niet actueel was, onvoldoende onderbouwd met objectief verifieerbare stukken en niet voldeed aan de voorwaarden voor het verrichten van arbeid als zelfstandige in Nederland.
Eiser stelde dat hij ten onrechte niet was gehoord, wat een schending van de hoorplicht betekende. De rechtbank oordeelde dat het achterwege laten van een hoorzitting onzorgvuldig was en dat verweerder eiser de gelegenheid had moeten geven onduidelijkheden te verduidelijken. Het aangepaste ondernemingsplan en aanvullende stukken werden betrokken bij de beoordeling, maar het plan bleef op onderdelen onvoldoende onderbouwd.
De rechtbank stelde vast dat de toetsing aan artikel 8 EVRM Pro niet tot inwilliging kon leiden omdat de beperking verband houdend met arbeid als zelfstandige niet in de relevante wetgeving was opgenomen. Het bestreden besluit werd vernietigd wegens schending van de artikelen 3:2, 7:2 en 7:12 van de Algemene wet bestuursrecht. Verweerder werd opgedragen een nieuw besluit te nemen en werd veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens schending van de hoorplicht en onvoldoende motivering, met opdracht tot een nieuw besluit en vergoeding van proceskosten.