ECLI:NL:RBDHA:2014:10265
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.W.S. de Groot
- Rechtspraak.nl
Vernietiging terugkeerbesluit en inreisverbod wegens onvoldoende motivering gevaar openbare orde
Eiser, van Albanese nationaliteit, is bij vonnis van de rechtbank Rotterdam veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf voor een opiumdelict. Verweerder, de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, heeft daarop een terugkeerbesluit en een inreisverbod van tien jaar tegen eiser uitgevaardigd vanwege een vermeend gevaar voor de openbare orde.
Eiser stelde dat het onthouden van een vertrektermijn en het opleggen van het inreisverbod niet gerechtvaardigd waren zolang prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de EU niet waren beantwoord. Verweerder verwees naar jurisprudentie waarin werd gesteld dat twijfel niet altijd vereist is om een gevaar voor de openbare orde aan te nemen.
De rechtbank oordeelde echter dat de enkele veroordeling en opgelegde straf zonder aanvullende feiten onvoldoende zijn om te concluderen dat eiser een gevaar vormt voor de openbare orde. Er waren geen andere veroordelingen bekend en het antwoord op de prejudiciële vragen was nog niet gegeven. Daarom was de motivering van het terugkeerbesluit onvoldoende en moest het besluit worden vernietigd. Het inreisverbod verloor daarmee ook zijn grondslag en werd eveneens vernietigd.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de besluiten en veroordeelde verweerder tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het terugkeerbesluit en het inreisverbod zijn vernietigd wegens onvoldoende motivering van het gevaar voor de openbare orde.