ECLI:NL:RBDHA:2013:8624
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- D. Allewijn
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken geldige ingebrekestelling bij Wob-verzoek
Eiser diende op 13 oktober 2012 een Wob-verzoek in bij verweerder, die niet tijdig op dit verzoek besloot. Eiser verzocht meerdere malen om een dwangsombesluit en stelde verweerder formeel in gebreke met brieven van 13 november en 27 december 2012. Verweerder erkende deze brieven niet als ingebrekestelling vanwege het ontbreken van een CJIB-nummer en onduidelijkheid over het verzoek.
Tijdens de comparitie van partijen op 11 juni 2013 werd de problematiek van de vele Wob-verzoeken en de werkwijze van verweerder besproken. Partijen erkenden wederzijdse wrevel en het belang van behoorlijke communicatie. De rechtbank overwoog dat een ingebrekestelling duidelijk moet zijn en voldoende informatie moet bevatten om het bestuursorgaan te kunnen identificeren.
De rechtbank oordeelde dat de brieven van eiser niet als geldige ingebrekestelling konden worden aangemerkt omdat het referentienummer ontbrak, waardoor verweerder niet duidelijk kon worden gemaakt op welk besluit de ingebrekestelling betrekking had. Daarom werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een geldige ingebrekestelling.