ECLI:NL:RBDHA:2013:18240
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verbod tenuitvoerlegging vervangende hechtenis wegens niet-betaling schadevergoedingsmaatregel
Eiser is veroordeeld tot een gevangenisstraf en twee schadevergoedingsmaatregelen die bij niet-betaling vervangen worden door 92 dagen hechtenis. Na detentie in Duitsland werd hij in Nederland aangehouden voor de uitvoering van zijn straf. Hij verzocht het CJIB om een betalingsregeling, stellende dat hij niet op de hoogte was van de maatregelen en financieel niet in staat was te betalen.
Het CJIB weigerde een betalingsregeling omdat de vervangende hechtenis reeds ter executie was aangeboden. Eiser vorderde daarop in kort geding een verbod op de tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis, stellende dat zijn situatie schrijnend was en hij geen kans had gehad op een regeling.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het wettelijke stelsel en het CJIB-beleid bepalen dat schadevergoedingsmaatregelen zonder uitzondering moeten worden uitgevoerd zodra de vervangende hechtenis is aangeboden. Betalingsonmacht is geen grond om af te zien van hechtenis. Het late aanbod van een betalingsregeling was onvoldoende onderbouwd en zou leiden tot een onredelijke termijn voor voldoening.
Daarom is het verzoek van eiser afgewezen en is hij veroordeeld in de proceskosten. De tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis wordt niet als onrechtmatig beschouwd.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verbod op tenuitvoerlegging van vervangende hechtenis af en veroordeelt eiser in de proceskosten.