ECLI:NL:RBDHA:2013:13515
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens ontbreken 15c situatie in Libië
Eiser, een Libische nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel wegens vrees voor vervolging door revolutionaire brigades (Thuwar) na de val van het Gaddafi-regime. Hij stelde dat hij als vermeende loyalist van Gaddafi gevaar loopt vanwege zijn afwezigheid tijdens de strijd.
De staatssecretaris wees de aanvraag af omdat de situatie in Libië niet voldeed aan de uitzonderlijke omstandigheden van artikel 15c van de Definitierichtlijn, en eiser zijn vrees onvoldoende aannemelijk had gemaakt. De rechtbank bevestigde dit oordeel, stellende dat uit recente rapporten en ambtsberichten blijkt dat er geen sprake is van willekeurig geweld tegen alle burgers, maar gericht geweld tegen specifieke groepen.
De rechtbank oordeelde dat de situatie in Libië ondanks instabiliteit niet voldoet aan de criteria voor een verblijfsvergunning op grond van artikel 29 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De vrees van eiser werd niet als voldoende onderbouwd beschouwd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de aanvraag verblijfsvergunning asiel wordt afgewezen.