ECLI:NL:RBBRE:2012:BY8464
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vervangingswaarde bungalowpark voor WOZ 2011
Belanghebbende, eigenaar van een bungalowpark, maakte bezwaar tegen de WOZ-waarde 2011 die door de heffingsambtenaar was vastgesteld op basis van de vervangingswaarde. De rechtbank oordeelt dat de vervangingsmethode passend is voor deze niet-woning onroerende zaak en dat de correcties voor technische en functionele veroudering door de heffingsambtenaar adequaat zijn toegepast.
Belanghebbende stelde dat de huurwaardekapitalisatiemethode gebruikt had moeten worden en dat de waarde niet hoger mocht zijn dan in voorgaande jaren. De rechtbank verwierp deze stellingen, omdat de wet voorschrijft dat de waarde jaarlijks opnieuw moet worden vastgesteld op basis van feiten en omstandigheden rond de waardepeildatum, en omdat belanghebbende onvoldoende feiten had aangedragen om hogere correcties te rechtvaardigen.
De rechtbank concludeerde dat de heffingsambtenaar de bewijslast had voldaan met een taxatierapport waarin de vervangingswaarde was onderbouwd en dat de aanslag niet te hoog was vastgesteld. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde en aanslag is ongegrond verklaard.