ECLI:NL:RBBRE:2011:BU4972
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling WOZ-waarde woning in abominabele staat leidt tot verlaging naar €75.000
Belanghebbenden zijn eigenaar van een rijksmonumentale woning die zich in zeer slechte staat bevindt en onbewoonbaar is. De heffingsambtenaar stelde de WOZ-waarde per 1 januari 2010 vast op €110.000, waarbij een aftrek wegens achterstallig onderhoud van €157.000 werd toegepast. Belanghebbenden stelden bezwaar in en voerden aan dat de woning slechts €50.000 waard was, onderbouwd met een taxatierapport.
De rechtbank oordeelt dat de heffingsambtenaar onvoldoende bewijs heeft geleverd dat de toegepaste aftrek toereikend is, mede gezien de abominabele staat van de woning die bijna neerkomt op (ver)nieuwbouw. De taxatierapporten van beide partijen verschillen aanzienlijk, waarbij het rapport van belanghebbenden uitgaat van een te kleine inhoud en onvoldoende vergelijkingsmateriaal bevat.
Na zorgvuldige weging van de feiten en taxaties concludeert de rechtbank dat geen van beide waarderingen juist is. Daarom stelt zij de WOZ-waarde vast op €75.000. De rechtbank vernietigt het besluit op bezwaar en gelast vergoeding van het betaalde griffierecht. De aanslag onroerendezaakbelasting wordt door de heffingsambtenaar aangepast zonder rechterlijke tussenkomst.
Uitkomst: WOZ-waarde van de woning wordt vastgesteld op €75.000 in plaats van €110.000.