ECLI:NL:RBBRE:2011:BR1621
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- De Weert
- Kok
- Van Gessel
- Rechtspraak.nl
Veroordeling leraar voor ontucht met aan zijn opleiding toevertrouwde minderjarige
Verdachte, een natuurkundedocent en afdelingscoördinator, werd vervolgd wegens ontucht met een minderjarige leerling van dezelfde school, hoewel hij haar niet direct lesgaf. De rechtbank oordeelde dat artikel 249 Sr Pro extensief moet worden uitgelegd en dat elke docent een gezagsverhouding heeft met alle leerlingen op zijn school.
De bewezenverklaring werd beperkt tot de periode dat verdachte nog werkzaam was op de school, van 17 maart 2008 tot 1 december 2008, omdat daarna geen sprake meer was van een aan zijn opleiding toevertrouwde minderjarige. Twee feitelijkheden na die datum werden vrijgesproken. Verdachte werd veroordeeld voor het zoenen, betasten van borsten en zich laten aftrekken door het slachtoffer in die periode.
De rechtbank legde een werkstraf van 120 uur op, met een subsidiaire vervangende hechtenis van 60 dagen, en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden met een proeftijd van 2 jaar. De straf was lager dan de eis van de officier van justitie vanwege de beperkte bewezenverklaring. De rechtbank benadrukte de ernstige schending van de lichamelijke integriteit van het slachtoffer en het blijvende negatieve effect op haar ontwikkeling.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 120 uur werkstraf en 4 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf wegens ontucht met een aan zijn opleiding toevertrouwde minderjarige.