ECLI:NL:RBBRE:2008:BG5402
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.F.M.Q. Beukers-van Dooren
- A.A. den Hartog
- M.G.J.M. van Kempen
- Rechtspraak.nl
Belastingplicht en onrechtmatigheden bij buitenlandse vennootschappen en bankrekeningen
Belanghebbende, woonachtig in Nederland, voerde een complexe structuur met buitenlandse vennootschappen en bankrekeningen, waaronder in Zwitserland, Luxemburg en Aruba, om inkomsten en vermogen aan de Nederlandse fiscus te onttrekken. De inspecteur stelde navorderingsaanslagen en boetes vast wegens het niet correct aangeven van inkomsten en vermogen.
De rechtbank stelde vast dat belanghebbende feitelijk in Nederland woonde en dat hij economisch eigenaar was van buitenlandse vennootschappen, ondanks formele constructies met trustkantoren en andere aandeelhouders. Belanghebbende had aanzienlijke bedragen onttrokken uit vennootschappen en bankrekeningen, die niet waren verantwoord in zijn aangiften.
De rechtbank verwierp de stellingen van belanghebbende omtrent fictieve leningen en investeringen en concludeerde dat de inspecteur de aanslagen en boetes in redelijkheid had vastgesteld. Tevens werd de aftrek van alimentatiebetalingen afgewezen wegens gebrek aan bewijs van duurzaam gescheiden leven.
De boete werd gematigd vanwege de overschrijding van een redelijke termijn. De rechtbank vernietigde de uitspraken op bezwaar, verklaarde het beroep gegrond, en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de navorderingsaanslagen en boete, vermindert de boete en veroordeelt de inspecteur in de proceskosten.