ECLI:NL:RBBRE:2008:BF0050
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtsgeldige totstandkoming compromis over aanmerkelijk belangwinst en renteheffing
Belanghebbende, die een aanmerkelijk belang hield in een Nederlandse vennootschap, maakte bezwaar tegen een aanslag inkomstenbelasting over 1999 waarin winst uit aanmerkelijk belang was vastgesteld. Na langdurige correspondentie en een hoorzitting deed de gemachtigde van belanghebbende een concreet compromisvoorstel om de winst vast te stellen op f 100.000 tegen 25% tarief. De inspecteur aanvaardde dit voorstel telefonisch, waarna schriftelijke bevestiging volgde.
De inspecteur zond vervolgens een vaststellingsovereenkomst toe waarin heffings- en invorderingsrente werden berekend, hetgeen niet eerder was besproken. Belanghebbende ging hier niet mee akkoord en stelde beroep in tegen de aanslag. De rechtbank beoordeelde of er een rechtsgeldig compromis was gesloten en oordeelde dat dit het geval was, inclusief de toepassing van wettelijke rente.
Het beroep op dwaling door belanghebbende werd verworpen omdat haar gemachtigde, een fiscaal professional, bekend had moeten zijn met de renteverplichtingen. De rechtbank vernietigde de uitspraak op bezwaar, mat de aanslag naar het compromisbedrag en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende. Het beroep werd gegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vermindert de aanslag conform het compromis en bevestigt dat wettelijke heffings- en invorderingsrente verschuldigd zijn.