ECLI:NL:RBBRE:2008:BD2149
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Levering en voorbelasting kantoorgebouw met deels vrijgestelde verhuur
Belanghebbende, een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, heeft een kantoorgebouw met vijf bouwlagen gerealiseerd dat deels belast en deels vrijgesteld wordt verhuurd. De inspecteur legde een naheffingsaanslag omzetbelasting op over de jaren 2001 tot en met 2003, omdat alleen het verhuurde gedeelte als levering werd beschouwd.
De rechtbank stelt vast dat het kantoorgebouw juridisch één geheel vormt met centrale voorzieningen zoals ingang, trappenhuis, lift, toilet- en keukengroepen. Het in gebruik nemen van één of meer etages met deze voorzieningen betekent dat belanghebbende beschikt over het pand als geheel voor bedrijfsdoeleinden, conform artikel 3, eerste lid, onderdeel h, van de Wet op de omzetbelasting en de Zesde Richtlijn.
De rechtbank oordeelt dat het gehele pand op 1 april 2001 is geleverd en dat belanghebbende recht heeft op aftrek van voorbelasting over het gehele pand, met een correctie voor de vrijgestelde verhuurde delen vanaf 2003. De naheffingsaanslag is daarom onterecht opgelegd en wordt vernietigd. De inspecteur wordt veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht wordt aan belanghebbende vergoed.
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch binnen zes weken na verzending van het vonnis.
Uitkomst: De naheffingsaanslag omzetbelasting wordt vernietigd en het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard.