ECLI:NL:RBBRE:2008:BC8990
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering naheffingsaanslag omzetbelasting na herziening landbouwregeling
Belanghebbende exploiteert een melkveebedrijf en heeft gekozen voor het niet toepassen van de landbouwregeling vanaf 1 april 2001. Zij verzocht om herziening van de omzetbelasting over de jaren 2001, 2002 en 2003. De inspecteur legde een naheffingsaanslag op die de herziening corrigeerde en beperkte.
De rechtbank stelt vast dat het niet meer in geschil is dat herziening voor 2001 mogelijk is vanaf 1 april en dat herziening voor de verbouwing van de stal niet mogelijk is, maar wel voor de erfverhardingen. Het geschil betreft de vraag of de herziening van het vee in één keer in 2001 moet plaatsvinden.
Belanghebbende heeft de bewijslast dat een hoger bedrag aan herziening gerechtvaardigd is, maar heeft geen gegevens over verkopen van vee binnen de herzieningsperiode van vijf jaar overgelegd. De rechtbank oordeelt dat belanghebbende dit niet aannemelijk heeft gemaakt en vermindert daarom de naheffingsaanslag met € 78 tot € 2.701.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende en gelast vergoeding van het betaalde griffierecht. Het beroep wordt gegrond verklaard en de uitspraak op bezwaar vernietigd.
Uitkomst: De naheffingsaanslag omzetbelasting wordt verminderd tot € 2.701 en de proceskosten en griffierecht worden aan belanghebbende vergoed.