ECLI:NL:RBBRE:2007:BB5872
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen overheidsingrijpen bij Provinciaal Omgevingsplan Limburg Aanvulling Zandmaas voor belastingaanslag 2003
Belanghebbende, een ondernemer die zijn melkveehouderij had beëindigd en een vakantiebestedingsbedrijf was gestart, had in 2003 een aanzienlijke boekwinst behaald uit de verkoop van zijn melkquotum. De inspecteur legde aanslagen op inkomstenbelasting, premie volksverzekeringen en premie arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ) op, waarbij de herinvesteringsreserve deels werd afgewezen wegens het ontbreken van een herinvesteringsvoornemen.
Belanghebbende stelde dat het Provinciaal Omgevingsplan Limburg Aanvulling Zandmaas (POL) en het daarmee samenhangende overheidshandelen een vorm van overheidsingrijpen vormden in de zin van artikel 3.64, vierde lid, aanhef en onderdeel a, van de Wet IB 2001, waardoor hij recht had op een herinvesteringsreserve. De rechtbank stelde vast dat het plan vooral gericht was op hoogwaterbescherming, natuurontwikkeling en verbetering van de scheepvaartroute, en dat dit leidde tot beperkingen in bedrijfsuitbreiding en stijging van grondwaterstanden.
De rechtbank oordeelde echter dat geen sprake was van onteigening of minnelijke onteigening van het melkquotum en dat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat hij redelijkerwijs kon verwachten dat een onteigeningsprocedure tegen hem zou worden aangespannen. Ook was onvoldoende duidelijk dat het overheidshandelen zou leiden tot beëindiging van de onderneming op de oorspronkelijke plaats. De aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen werd daarom verminderd, terwijl het beroep tegen de aanslag premie WAZ ongegrond werd verklaard.
De rechtbank veroordeelde de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende en wees het verzoek om schadevergoeding af, omdat geen sprake was van een onrechtmatig besluit. De uitspraak werd gedaan door mr. C.A.F.M. Stassen, mr. A.J. Kromhout en mr. D. Hund op 9 oktober 2007.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen wordt verminderd tot een belastbaar inkomen van € 65.052.