ECLI:NL:RBBRE:2007:BB0531
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- W. Brouwer
- A.A. den Hartog
- A.F.M.Q. Beukers-van Dooren
- Rechtspraak.nl
Aandeelhouder geen economische activiteit bij enkel aandelenbezit zonder beheer
Belanghebbende, houdster van 100% van de aandelen in een vennootschap die op haar beurt aandelen houdt in een Duitse GmbH, stelde recht te hebben op aftrek van voorbelasting. De inspecteur legde een naheffingsaanslag omzetbelasting en een boete op. De rechtbank onderzocht of het houden van aandelen een economische activiteit vormt zoals bedoeld in de Zesde richtlijn.
De rechtbank oordeelde dat het enkele verwerven en houden van aandelen niet kwalificeert als economische activiteit, tenzij dit gepaard gaat met direct of indirect beheer van de dochtervennootschappen. De adviserende en toezichthoudende taken van het controlerend orgaan (Beirat) en de adviserende rol van een benoemd lid werden niet als zodanig beschouwd dat sprake was van beheer. Hierdoor werd het beroep ongegrond verklaard voor de naheffingsaanslag.
De boete werd echter vernietigd omdat de inspecteur zijn standpunt had herzien. De rechtbank veroordeelde de inspecteur tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Het vonnis werd in het openbaar uitgesproken op 21 juni 2007 door drie rechters van de rechtbank Breda.
Uitkomst: Beroep gegrond voor boete en vernietiging boetebeschikking, beroep ongegrond voor naheffingsaanslag omzetbelasting.