ECLI:NL:RBBRE:2007:BA2009
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling eigenwoningregeling voor diplomaat met buitenlandse uitzendingen in 2002
Belanghebbende, een diplomaat met Nederlandse nationaliteit, was sinds 1989 uitgezonden naar verschillende landen en kocht in 1990 een woning in Nederland. In geschil stond of deze woning in 2002 als eigen woning kon worden aangemerkt voor de inkomstenbelasting.
De rechtbank stelde vast dat belanghebbende en zijn echtgenote in 2002 niet in Nederland waren ingeschreven en de woning niet duurzaam als hoofdverblijf ter beschikking stond. De jongste zoon, die sinds september 2002 in de woning woonde vanwege studie, werd niet als onderdeel van het huishouden van belanghebbende beschouwd, aangezien hij zelfstandig een eigen huishouding voerde.
Ook op grond van de regeling voor woningen die voorafgaand aan uitzending als hoofdverblijf dienden, werd de woning niet als eigen woning aangemerkt, omdat belanghebbende al in 1989 was uitgezonden en de woning pas in 1990 werd gekocht. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard omdat de woning in 2002 niet als eigen woning kwalificeert.