ECLI:NL:RBASS:2008:BF4103
Rechtbank Assen
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- K. Wentholt
- Rechtspraak.nl
Blokkering uitbetaling bijstandsuitkering wegens vermoedelijke schending inlichtingenplicht
Verzoeker ontvangt sinds 2002 een bijstandsuitkering. Verweerder vermoedde dat verzoekers uitgavenpatroon niet overeenkwam met het bijstandsniveau en vroeg om bank- en creditcardafschriften. Verzoeker leverde niet alle gevraagde gegevens tijdig aan, waarna de uitkering per 1 december 2007 werd geblokkeerd. Na herstel van de inlichtingenplicht werd de uitbetaling alsnog geblokkeerd in afwachting van nader onderzoek.
Verzoeker stelde dat hij aan zijn inlichtingenplicht had voldaan en dat het blokkeren van de uitkering onterecht was, mede omdat hem mededelingen waren gedaan die verwachtingen schepten dat de uitkering zou worden hervat. Verweerder stelde dat er een gegrond vermoeden bestond dat de inlichtingenplicht was geschonden en dat de blokkering daarom gerechtvaardigd was.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de blokkering van de uitkering als een besluit moet worden aangemerkt en dat verweerder op basis van de onderzoeksrapportage en verklaringen een gegrond vermoeden had van schending van de inlichtingenplicht. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat er geen ongeclausuleerde toezegging was gedaan. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de blokkering van de bijstandsuitkering wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.