ECLI:NL:RBARN:2012:BV6425
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- N.W. Huijgen
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vordering tot vervroegde ingebruikneming van onteigende fruitteeltpercelen voor aanleg verbindingsweg
De gemeente Overbetuwe ontwikkelt een verbindingsweg, de Zuidtangent, waarvoor onteigening van fruitteeltpercelen van gedaagde noodzakelijk is. Het onteigeningsvonnis van 11 augustus 2010 is niet tijdig ingeschreven in het kadaster door het ontbreken van een vereiste griffieverklaring, die destijds niet werd verstrekt volgens de toen geldende praktijk. De Hoge Raad oordeelde later dat deze verklaring onverwijld had moeten worden afgegeven, waardoor inschrijving nu pas kan plaatsvinden samen met het eindvonnis over schadeloosstelling.
Gedaagde heeft tijdig cassatie ingesteld tegen het eindvonnis van 7 december 2011, waardoor dit vonnis nog niet onherroepelijk is en de gemeente de eigendom van de percelen nog niet kan verkrijgen zonder medewerking van gedaagde. De gemeente vordert daarom in kort geding dat gedaagde de perceelsgedeelten ontruimt en in gebruik geeft voor de werkzaamheden, voorafgaand aan inschrijving.
De voorzieningenrechter overweegt dat de onteigening zelf onherroepelijk is en dat gedaagde uiteindelijk de eigendom zal verliezen. Het belang van gedaagde bij voortgezet gebruik is beperkt tot vermogensrechtelijke belangen, zoals pachtinkomsten, die worden gedekt door de wettelijke rente en het aangeboden voorschot op schadeloosstelling. Het maatschappelijk belang van de gemeente bij spoedige voltooiing van de Zuidtangent, die verkeersoverlast vermindert en bereikbaarheid verbetert, weegt zwaarder dan het belang van gedaagde. Vertraging leidt tot aanzienlijke extra kosten en overlast. Daarom is de weigering van gedaagde onrechtmatig en worden de vorderingen toegewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot ontruiming en vervroegde ingebruikneming van de onteigende percelen door de gemeente.