ECLI:NL:RBARN:2011:BU5190
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.I. van Amsterdam
- A.M.F. Geerling
- M.J.C. van Well
- Rechtspraak.nl
Herinvesteringsreserve en belangenwijziging bij ontvoeging dochter uit fiscale eenheid
Eiseres, moedermaatschappij binnen een fiscale eenheid, had een herinvesteringsreserve gevormd bij haar dochtermaatschappij [B] BV na verkoop van onroerende zaken. De aandelen van [B] BV werden in 2004 verkocht, waarbij een vervangend bedrijfsmiddel werd aangeschaft door de koper. De inspecteur belastte de reserve bij de moedermaatschappij, stellende dat het herinvesteringsvoornemen was vervallen en de reserve vrijviel.
De rechtbank oordeelde dat het herinvesteringsvoornemen niet tussentijds was vervallen, mede omdat rekening mocht worden gehouden met het reële voornemen van de toekomstige koper van de aandelen. De vrijval van de reserve binnen de fiscale eenheid was daarom niet aan de orde. Tevens werd geoordeeld dat bij ontvoeging en belangenwijziging de reserve niet bij de moeder maar bij de ontvoegde dochter moest worden belast.
De rechtbank vernietigde de uitspraak op bezwaar, matigde de aanslag vennootschapsbelasting en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten. De uitspraak bevatte tevens een nadere toelichting op de toepassing van artikel 3.54 Wet IB 2001 en artikel 15e Wet Vpb bij fiscale eenheden en belangenwijzigingen.
Uitkomst: De herinvesteringsreserve is terecht niet bij de moeder belast en de aanslag vennootschapsbelasting wordt verminderd tot € 1.820.649.