ECLI:NL:RBARN:2011:BR3144
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C.A Walda
- Rechtspraak.nl
Geschil over eigendom en gebruik van kantoortje en perceel met erfdienstbaarheden
De rechtbank Arnhem behandelt een civiel geschil tussen partijen over de eigendom en het gebruik van een kantoortje en een deel van een perceel grond. [Eisers] vorderen onder meer dat het perceel kadastraal bekend als sectie A nummer 2284 en een gedeelte daarvan eigendom is van hen, en dat [gedaagden] huurpenningen moeten betalen voor het gebruik van de onroerende zaken. [Gedaagden] betwisten dit en stellen dat het kantoortje niet tot het verkochte behoort of dat zij het door verjaring hebben verkregen.
De rechtbank onderzoekt de leveringsakten van 1996 en 2005 en concludeert dat het gehele perceel 2284 eigendom is overgedragen aan [eisers], maar dat het gebruiksrecht van het kantoortje bij de levering is uitgesloten vanwege een lopende huurovereenkomst met een derde. Het verjaringsverweer van [gedaagden] wordt verworpen omdat het gebruik door een derde met instemming van de eigenaar plaatsvond, waardoor geen bezit door [gedaagden] is ontstaan.
Daarnaast voert [gedaagden] een subsidiair verweer aan dat er sprake is van erfdienstbaarheden die het gebruik van het kantoortje en de kast rechtvaardigen. Omdat [eisers] hier nog niet op hebben kunnen reageren, wordt de zaak aangehouden voor nadere stukken. Ook het beroep op de bevoegdheid van de kantonrechter voor huurvorderingen wordt aangehouden. De rechtbank wijst verdere beslissingen aan de rol toe.
Uitkomst: De rechtbank houdt de zaak aan voor nadere stukken over erfdienstbaarheden en kantonrechterlijke bevoegdheid en wijst verdere beslissingen aan de rol toe.