ECLI:NL:RBARN:2010:BO8159
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Naheffing BPM en vernietiging boete wegens ontbreken voorwaardelijk opzet
Eiser werd geconfronteerd met een naheffingsaanslag BPM en een boete omdat hij op 23 maart 2009 met een auto met Duits exportkenteken in Nederland reed zonder BPM te hebben betaald. De rechtbank onderzocht of eiser toen in Nederland woonde en concludeerde dat verweerder het vermoeden van woonplaats in Nederland niet is ontzenuwd door eiser. Objectief bewijs voor verblijf in België ontbrak.
Eiser beriep zich subsidiair op het herstelbeleid, maar de rechtbank oordeelde dat dit niet van toepassing was omdat eiser als autohandelaar bekend had behoren te zijn met de BPM-regels. De boete werd vernietigd omdat verweerder onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat eiser (voorwaardelijk) opzet had, enkel het behoren te weten volstond niet.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond voor de naheffingsaanslag maar gegrond voor de boete, vernietigde de boetebeschikking en veroordeelde verweerder tot vergoeding van proceskosten. De uitspraak werd gedaan door rechter F.M. Smit op 14 december 2010.
Uitkomst: Naheffingsaanslag BPM wordt gehandhaafd, boetebeschikking wordt vernietigd wegens ontbreken van voorwaardelijk opzet.