ECLI:NL:RBARN:2010:BM5505
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- I.A.M. van Boetzelaer-Gulyas
- E. Klein Egelink
- W.R.H. Lutjes
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete wegens vermeende overtreding fosfaatgebruiksnormen Meststoffenwet
Eiser exploiteert een pluimvee- en landbouwbedrijf en kreeg een bestuurlijke boete opgelegd van € 9.702 wegens overschrijding van de fosfaatgebruiksnormen in 2006. Na bezwaar werd de boete verlaagd naar € 6.391, maar eiser bleef het hier niet mee eens en stelde dat hij alle mest had afgevoerd en dat de bemonstering van de mest niet representatief was.
De rechtbank overweegt dat verweerder, als oplegger van een punitieve sanctie, op basis van concrete feiten moet aantonen dat en in welke mate de fosfaatnorm is overschreden. De bemonstering van de afgevoerde mest, die de basis vormde voor de boete, was niet op meerdere plaatsen genomen zoals vereist, waardoor de representativiteit niet is vastgesteld. Hierdoor is het bewijs onvoldoende.
De rechtbank oordeelt dat verweerder niet heeft voldaan aan zijn motiveringsplicht en dat eiser feitelijk geen mogelijkheid had om tegenbewijs te leveren. Dit leidt tot strijdigheid met artikel 7:12, eerste lid, van de Awb en tot vernietiging van het besluit. Verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen. Verder wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Beroep gegrond verklaard en boete vernietigd wegens onvoldoende bewijs van fosfaatoverschrijding.