ECLI:NL:RBARN:2009:BJ1790
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke toetsing disciplinaire straf lagere salarisschaal bij plichtsverzuim ambtenaar defensie
Eiser, werkzaam bij het Ministerie van Defensie sinds 1984, kreeg wegens plichtsverzuim een disciplinaire straf opgelegd: indeling in een lagere salarisschaal met vermindering van bezoldiging voor onbepaalde tijd. De Centrale Raad van Beroep had eerder het ontslagbesluit vernietigd en vastgesteld dat het plichtsverzuim ernstig was, maar niet zodanig dat ontslag gerechtvaardigd was.
De rechtbank oordeelt dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de opgelegde straf in verhouding staat tot het plichtsverzuim, wat strijdig is met artikel 7:12 Awb Pro. Na aanvullende motivering acht de rechtbank de straf echter proportioneel gezien de aard, duur en ernst van het plichtsverzuim, de functie van eiser als leidinggevende en het verloren vertrouwen.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit vanwege de gebrekkige motivering, maar laat de rechtsgevolgen van het besluit in stand op grond van artikel 8:72 Awb Pro. Tevens veroordeelt zij verweerder tot vergoeding van proceskosten aan eiser. Het plaatsingsbesluit dat een lagere schaal betreft, wordt buiten beschouwing gelaten in deze procedure.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd wegens onvoldoende motivering, maar de rechtsgevolgen van het besluit blijven in stand.