ECLI:NL:RBARN:2009:BH7637
Rechtbank Arnhem
- Voorlopige voorziening
- L. van Gijn
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot opheffing schorsing bouwvergunning vanwege geurhinder en ruimtelijke onderbouwing
Het college van burgemeester en wethouders van Groesbeek had bouwvergunningen verleend voor 37 woningen in het bouwplan Parachutistenstraat-West, fase II. Deze vergunningen waren geschorst vanwege vermoedelijke bodemverontreiniging en geurhinder vanuit een nabijgelegen varkensbedrijf van eiser [J].
Na bodemonderzoek stelde Gedeputeerde Staten vast dat geen spoedeisende sanering noodzakelijk was, waardoor de grondslag voor de schorsing deels kwam te vervallen. Het college verzocht daarop om opheffing van de schorsing. De voorzieningenrechter onderzocht echter of de geurverordening, die een hogere geurbelasting toestaat dan bij eerdere woningen in dezelfde wijk, voldoende ruimtelijk was onderbouwd en of inspraak adequaat was geboden.
De rechter concludeerde dat de gemeenteraad tekort was geschoten in de ruimtelijke onderbouwing van de geurverordening en dat inspraak onvoldoende was geboden aan toekomstige bewoners. Ook was onduidelijkheid over het gebruikte geurverspreidingsmodel. Gezien deze tekortkomingen en het belang van eiser bij een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, werd het verzoek tot opheffing van de schorsing afgewezen.
Daarnaast werd het college veroordeeld in de proceskosten van eiser. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek tot opheffing van de schorsing van de bouwvergunningen wordt afgewezen vanwege onvoldoende ruimtelijke onderbouwing en gebrekkige inspraak.