ECLI:NL:RBARN:2009:BH4816
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Waardevaststelling recreatieterrein op basis van gecorrigeerde vervangingswaarde zonder bedrijfsmatige exploitatie
Eiseres, eigenaar van een recreatieterrein dat openbaar toegankelijk is voor dagrecreatie, betwistte de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde per 1 januari 2005. Verweerder had de waarde bepaald op basis van de gecorrigeerde vervangingswaarde (GVW), waarbij de bedrijfswaarde geen rol speelt omdat het terrein niet bedrijfsmatig wordt geëxploiteerd.
De rechtbank stelde vast dat de aandelen van eiseres in handen zijn van gemeenten en dat het terrein primair dient voor het algemeen belang, waardoor geen sprake is van commerciële exploitatie. De bedrijfswaarde werd daarom uitgesloten. De waarde van de grond werd vastgesteld aan de hand van vergelijkbare agrarische grondprijzen met correcties voor minder bruikbare delen zoals water en houtopstanden.
Ten aanzien van de verharding van parkeerterreinen en fiets- en wandelpaden concludeerde de rechtbank dat geen van beide partijen de voorgestelde vervangingswaarde voldoende aannemelijk had gemaakt. De rechtbank stelde de waarde van de verharding in goede justitie vast op € 30 per m², lager dan de door verweerder gehanteerde € 39,54.
De stelling van eiseres dat de fiets- en wandelpaden als openbare weg buiten de waardering moesten blijven, werd niet behandeld omdat dit niet tot een lagere waarde dan 96% van de vastgestelde waarde zou leiden. Het beroep werd ongegrond verklaard en de WOZ-waarde bevestigd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van het recreatieterrein wordt ongegrond verklaard.