ECLI:NL:RBARN:2008:BC8068
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Privégebruik auto door voormalig werknemer niet als loon belast
De rechtbank Arnhem behandelde het geschil over de vraag of het privévoordeel van het gebruik van een auto, ter beschikking gesteld door de voormalig werkgever van de belanghebbende, als loon in aanmerking moet worden genomen voor de inkomstenbelasting 2005.
De belanghebbende had sinds 2003 een WAO-uitkering ontvangen van het UWV en was niet meer in dienst bij de werkgever. Desondanks stelde de voormalig werkgever een auto ter beschikking voor privégebruik. De Belastingdienst rekende het autokostenforfait bij het belastbaar inkomen, stellende dat het voordeel als loon moet worden gezien.
De rechtbank oordeelde dat voor toepassing van het autokostenforfait vereist is dat de belanghebbende werknemer is van degene die de auto ter beschikking stelt. Nu de belanghebbende in 2005 niet meer in dienst was en het genot van de auto niet tot het loon behoort volgens artikel 11a Wet LB, kon het privévoordeel niet als loon worden gerekend.
De rechtbank vernietigde de uitspraak op bezwaar, stelde het belastbaar inkomen lager vast en veroordeelde de Belastingdienst in de proceskosten. Het beroep werd gegrond verklaard.
Uitkomst: Het privévoordeel van het gebruik van de auto door de voormalig werknemer wordt niet tot het loon gerekend en de aanslag wordt verminderd.