ECLI:NL:RBARN:2007:BH0073
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aftrekbaarheid kosten periodieke betalingen recht van opstal en handhaving boete
In deze bestuursrechtelijke zaak bij de rechtbank Arnhem staat de aftrekbaarheid van periodieke betalingen voor het recht van opstal centraal. Eiser betoogt dat hij een hoger bedrag aan erfpachtcanon heeft betaald en dat de extra betalingen als periodieke betalingen voor het recht van opstal aftrekbaar moeten zijn. Verweerder stelt dat slechts een bedrag van € 8.440 als aftrekbaar kan worden erkend, gebaseerd op de akte van vestiging van het recht van opstal.
De rechtbank stelt vast dat de extra betalingen onderdeel uitmaken van de tegenprestatie voor het vestigen van het recht van opstal en niet als periodieke betalingen kunnen worden aangemerkt. Hierdoor wordt het hogere bedrag van eiser afgewezen. Daarnaast is de opgelegde verzuimboete wegens het niet tijdig indienen van de aangifte IB/PVV 2002 gehandhaafd, omdat eiser onvoldoende heeft weersproken dat hij niet aan zijn aangifteverplichtingen heeft voldaan.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en ziet geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter L.B.M. Klein Tank op 15 juni 2007 en partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en handhaaft de verzuimboete van € 340.