ECLI:NL:RBARN:2007:BB3631
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Voorkeursrecht tot koop bij overlijden en uitleg akte van 31 december 2003
In deze zaak staat de uitleg van een voorkeursrecht tot koop centraal, opgenomen in een akte van 31 december 2003. Eiser, gedaagde en belanghebbende zijn familieleden, waarbij de vader van partijen is overleden en gedaagde erfgenaam is geworden van de woning met kantoor. Eiser en belanghebbende beroepen zich op het voorkeursrecht dat zij bij de akte hebben verkregen.
De rechtbank stelt vast dat het geschil niet gaat over de benoeming van een deskundige, maar over de uitleg van het voorkeursrecht. Eiser stelt dat het recht bij het verlijden van de akte is gevestigd en direct kan worden uitgeoefend bij overlijden van de verkoper. Gedaagde betoogt dat het recht pas ontstaat bij overlijden, maar dat zij als erfgenaam eigenaar is geworden en het recht slechts inhoudt dat zij eerst aan eiser en belanghebbende moet aanbieden voordat zij aan derden kan verkopen.
De rechtbank verwerpt het verweer van gedaagde en stelt dat het voorkeursrecht bij de akte is gevestigd en direct kan worden uitgeoefend bij overlijden. De aanvullende overeenkomst waarin een termijn is afgesproken voor gedaagde om in de woning te blijven, verandert hier niets aan. De rechtbank roept partijen op om uiterlijk 26 september 2007 overeenstemming te bereiken over de prijs of deskundigen te benoemen voor taxatie. De proceskosten worden gecompenseerd gezien de familierelatie.
Uitkomst: Eiser en belanghebbende hebben een voorkeursrecht tot koop dat zij vanaf het overlijden van erflater kunnen uitoefenen; verdere procedure wordt voortgezet.