ECLI:NL:RBARN:2007:BA4454
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.C.G. Okhuizen
- J.H.M. Delnooz-Engels
- M.C.G.J. van Well
- Rechtspraak.nl
Navordering belasting over alimentatie-uitkeringen na echtscheiding en boetebeschikking
De rechtbank Arnhem behandelde het beroep van eiseres tegen een navorderingsaanslag inkomstenbelasting en een vergrijpboete opgelegd door de Belastingdienst. De kern van het geschil betrof de vraag of de navordering gebaseerd was op een nieuw feit en of de opgelegde boete terecht was.
Uit het dossier en de zitting bleek dat eiseres in 2000 periodieke uitkeringen ontving van haar voormalige echtgenoot, die zij als alimentatie moest opgeven. De rechtbank stelde vast dat de betalingen vanaf februari 2000, inclusief die in februari zelf, als belastbare alimentatie-uitkeringen moeten worden aangemerkt omdat sprake was van duurzaam gescheiden leven. Eiseres kon niet aannemelijk maken dat de vroege betalingen huishoudgeld waren.
De rechtbank oordeelde dat de inspecteur terecht kon navorderen omdat er sprake was van een nieuw feit, namelijk informatie die niet eerder bekend was en aanleiding gaf tot navordering. De boete werd echter vernietigd omdat de grove schuld van de belastingadviseur niet aan eiseres kon worden toegerekend, mede vanwege het arrest van de Hoge Raad over toerekening van schuld bij vergrijpboetes.
De rechtbank veroordeelde de Staat tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan eiseres. Het beroep tegen de navorderingsaanslag werd ongegrond verklaard, het beroep tegen de boetebeschikking gegrond.
Uitkomst: Navordering belasting over alimentatie-uitkeringen wordt bevestigd, boete wordt vernietigd wegens niet-toerekenbare grove schuld aan eiseres.