ECLI:NL:RBARN:2006:AY4144
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- D. van Driel van Wageningen
- Rechtspraak.nl
Ontruimingsvordering provincie Gelderland wegens gebruik gronden en verjaring afgewezen
De provincie Gelderland vordert ontruiming van meerdere percelen die zij in eigendom heeft, maar door gedaagde in gebruik worden genomen. Gedaagde voert verweer met een beroep op verkrijgende verjaring en een pachtovereenkomst voor een deel van de gronden.
De rechtbank oordeelt dat het beroep op niet-ontvankelijkheid ongegrond is en dat de provincie een gerechtvaardigd belang heeft bij de vordering. Het beroep op verkrijgende verjaring faalt omdat gedaagde niet als bezitter voor zichzelf heeft gehandeld volgens de maatstaf van artikel 3:108 BW Pro. Ook het subsidiaire beroep op een pachtovereenkomst wordt verworpen, omdat uit de stukken niet blijkt dat partijen een dergelijke overeenkomst zijn aangegaan.
De rechtbank beveelt de ontruiming van de percelen binnen gestelde termijnen en legt een dwangsom op, die wordt gematigd ten opzichte van het gevorderde. Tevens wordt de provincie gemachtigd de ontruiming zelf te effectueren bij gebreke van gedaagde. Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot ontruiming van de percelen binnen gestelde termijnen met een gematigde dwangsom en proceskostenveroordeling.