ECLI:NL:RBARN:2006:AV5362
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens onvoldoende zorgplicht assurantietussenpersoon bij aandelenlease-overeenkomst
In deze civiele zaak vorderen eisers een schadevergoeding van de assurantietussenpersoon wegens een onrechtmatige daad en onvoldoende voorlichting over de risico's van een aandelenlease-overeenkomst. De assurantietussenpersoon had geadviseerd een tweede hypotheek af te sluiten en met de opbrengst een aandelenlease te sluiten, waarbij zij de werking van het depot en de risico's onvoldoende zou hebben toegelicht.
De rechtbank oordeelt dat de assurantietussenpersoon een overeenkomst van opdracht had met eisers en dat zij de zorgplicht van een redelijk bekwaam beroepsgenoot in voldoende mate heeft nageleefd. De stelling dat de assurantietussenpersoon niet de juiste partij zou zijn, wordt verworpen. De rechtbank acht de voorlichting over de constructie en de risico's, waaronder het rendement van 4%, voldoende gegeven en wijst de vordering af.
De assurantietussenpersoon wordt in reconventie niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende onderbouwing van haar tegenvordering. De vrijwaringsvordering tegen Dexia wordt eveneens afgewezen. Eisers worden veroordeeld in de proceskosten van alle procedures. Het vonnis is gewezen door mr. I.D. Jacobs en op 11 januari 2006 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De vordering van eisers wordt afgewezen wegens voldoende naleving van de zorgplicht door de assurantietussenpersoon.