ECLI:NL:RBARN:2005:AU3198
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.G.J. van Well
- A.J.H. van Suilen
- J.H.M. Delnooz-Engels
- Rechtspraak.nl
Urencriterium en zelfstandigenaftrek bij werkzaamheden aan privé-onroerend goed
Eiser, samen met zijn echtgenote eigenaar van een paardenpension, voerde aan dat hij recht had op zelfstandigenaftrek over 2000 omdat hij ten minste 1225 uren aan zijn onderneming had besteed, inclusief werkzaamheden aan stallen die tot het privévermogen behoren.
De rechtbank stelt vast dat volgens vaste jurisprudentie ook verbouwingswerkzaamheden aan privé-onroerend goed meetellen voor het urencriterium als deze met het oog op de zakelijke belangen van de onderneming worden verricht. Eiser heeft echter onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij daadwerkelijk het vereiste aantal uren heeft gewerkt, omdat het urenoverzicht achteraf is opgesteld en de omschrijvingen in de agenda te globaal zijn.
Daarnaast faalt het beroep op het in rechte te beschermen vertrouwen dat de zelfstandigenaftrek voor 2000 zou worden geaccepteerd, omdat uit een rapport van het boekenonderzoek blijkt dat de belastingdienst dit vertrouwen per 13 januari 2000 heeft opgezegd. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst de aanslag in stand.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard omdat hij niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij het urencriterium voor de zelfstandigenaftrek in 2000 heeft gehaald.