ECLI:NL:RBARN:2004:AR8056
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering verlenging en hernieuwde inschrijving huisarts in huisartsenregister
Eiser verzocht om verlenging van zijn inschrijving in het huisartsenregister, waarbij verweerder de aanvraag afwees omdat eiser niet voldeed aan de vereiste uren geaccrediteerde deskundigheidsbevordering en onvoldoende als huisarts werkzaam was geweest.
Eiser maakte bezwaar tegen het besluit van 27 maart 2001 en diende een herhaalde aanvraag in op 17 april 2002, waarbij hij aanvullende nascholingsuren aanvoerde. Verweerder wees deze aanvraag af op grond van artikel 4:6 Awb Pro, omdat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren aangevoerd die het eerdere besluit konden wijzigen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht gebruik had gemaakt van zijn bevoegdheid om de aanvraag af te wijzen en dat eiser onvoldoende bewijs had geleverd van aanvullende nascholing. Tevens werd het beroep tegen de weigering om de inschrijving per 1 februari 2002 te verlengen niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang, aangezien eiser feitelijk tot 24 juni 2003 was ingeschreven.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is voor zover het betrekking heeft op het besluit van 27 maart 2001 en niet-ontvankelijk voor zover het betrekking heeft op de weigering tot verlenging per 1 februari 2002.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering tot verlenging van de inschrijving is ongegrond verklaard en het beroep tegen de weigering tot verlenging per 1 februari 2002 niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang.