ECLI:NL:RBARN:2004:AQ6817
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen verzekeraars wegens aansprakelijkheid laswerkzaamheden mts Vallesia
Eisers, bestaande uit casco- en bedrijfsschadeverzekeraars en de verzekerde Vallesia C.V., vorderden vergoeding van schade aan het motortankschip Vallesia, veroorzaakt door gebrekkig laswerk uitgevoerd door Alustaal in onderaanneming van Gelria. De laswerkzaamheden betroffen reparaties na een aanvaring in maart 2000. Eisers stelden Gelria aansprakelijk op grond van art. 6:74 jo Pro. 6:171 BW en Alustaal op grond van art. 6:162 BW Pro.
Gelria verweerde zich met een beroep op de toepasselijkheid van de VNSI-voorwaarden, waarin een garantietermijn van drie maanden en een exoneratiebeding zijn opgenomen. Eisers betwistten de toepasselijkheid en stelden dat de garantietermijn onredelijk kort was gezien de aard van de schade. De rechtbank oordeelde dat de VNSI-voorwaarden rechtsgeldig van toepassing waren, mede omdat de opdrachtbevestiging met verwijzing naar deze voorwaarden door de schipper namens eiseres sub 9 was ondertekend.
Ten aanzien van de aansprakelijkheid stelde de rechtbank vast dat onvoldoende bewijs was geleverd dat de lekkage was veroorzaakt door slecht laswerk van Gelria of Alustaal. Ook ontbrak het aan een bijzondere zorgplicht van Alustaal jegens eiseres sub 9. Het beroep op vernietiging van de algemene voorwaarden wegens onredelijkheid faalde eveneens. De vorderingen werden daarom afgewezen en eisers werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eisers af wegens toepasselijkheid van de VNSI-voorwaarden en onvoldoende bewijs voor aansprakelijkheid van Gelria en Alustaal.