ECLI:NL:RBARN:2003:AN9323
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering ontbinding koopovereenkomst wegens ontbreken ingebrekestelling
Partijen sloten op 30 mei 2002 een koopovereenkomst voor een woning met een ontbindende voorwaarde voor het verkrijgen van een hypothecaire lening. Kopers Y en Z beriepen zich op deze ontbindende voorwaarde wegens het niet verkrijgen van financiering, maar werden door verkoper X in gebreke gesteld wegens nalatigheid om alles te doen voor financiering.
De rechtbank oordeelt dat de verplichting van kopers om alles redelijkerwijs te doen om financiering te verkrijgen niet leidt tot een toerekenbare tekortkoming die ontbinding door verkoper rechtvaardigt. De ingebrekestelling van 22 juli 2002 voldeed niet aan de contractuele eisen en was niet gericht op de leveringsverplichting.
Omdat kopers pas op de leveringsdatum tekortschoten en er geen deugdelijke ingebrekestelling volgde, was ontbinding op 21 augustus 2002 niet gegrond. De vordering van verkoper tot betaling van de contractuele boete wordt daarom afgewezen en hij wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot ontbinding en betaling van de boete af wegens het ontbreken van een deugdelijke ingebrekestelling.