ECLI:NL:RBARN:2003:AN7636
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- L.A. van Son
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen werknemer na ontbinding arbeidsovereenkomst met vergoeding
De arbeidsovereenkomst tussen X en Y is ontbonden door de kantonrechter onder toekenning van een ontbindingsvergoeding. X vordert nadien aanvullende vergoedingen, waaronder een vergoeding voor de fictieve opzegtermijn, schadeloosstelling, periodieke verhoging, kerstgratificatie, outplacementvergoeding en buitengerechtelijke kosten.
De kantonrechter stelt vast dat de ontbindingsvergoeding, overeengekomen na onderhandelingen, ook de vergoeding conform artikel 37 van Pro de CAO omvat, waardoor afstand is gedaan van aanvullende schadeloosstellingen. De vordering tot vergoeding van de fictieve opzegtermijn wordt afgewezen omdat deze niet van toepassing is op de situatie van een niet-succesvolle benoeming zoals in het Sociaal Plan omschreven.
Verder is de gevorderde periodieke verhoging reeds voldaan, de kerstgratificatie wordt afgewezen omdat X niet tot de doelgroep behoort, en de outplacementvergoeding wordt niet toegekend omdat geen expliciete afspraak is gemaakt over betaling bij niet-gebruik. De vordering tot een positief getuigschrift wordt eveneens afgewezen. X wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De kantonrechter wijst de vorderingen van X af en veroordeelt hem in de proceskosten.