ECLI:NL:RBARN:2002:AE9455
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding plastische chirurgie bij syndroom van Down onder ziektekostenverzekering
X, verzekerde bij Stichting IZZ, vordert vergoeding van kosten voor een plastische operatie aan het gezicht van zijn dochter met het syndroom van Down. De operatie is uitgevoerd door een medisch specialist en betreft correctie van het benig aangezicht. IZZ weigert vergoeding op grond van artikel 31 van Pro het Reglement Ziektekostenverzekering, dat vergoeding beperkt tot medisch noodzakelijke correcties van aangeboren misvormingen van het benig aangezicht.
De rechtbank onderzoekt de toepasselijkheid van artikel 31, waarbij wordt vastgesteld dat deze regeling aansluit bij de standaardverzekering en de Regeling medisch-specialistische zorg. De regeling is bedoeld voor fenotype afwijkingen die medisch noodzakelijk zijn, niet voor genotype afwijkingen zoals het syndroom van Down. De rechtbank concludeert dat de operatie vooral esthetisch is en niet medisch noodzakelijk.
X stelt dat het onderscheid tussen verzekerden met het syndroom van Down en anderen onredelijk is, maar de rechtbank wijst dit af. De vordering wordt afgewezen en X wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is gewezen door rechter A.J. Schaap en uitgesproken op 10 oktober 2002.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af omdat de plastische chirurgie niet medisch noodzakelijk is volgens de polisvoorwaarden.