Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
Regional Court in Łódź, IV Criminal Division, Polen, (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
1.Procesgang
Lódzals de overlevering zou worden toegestaan. De rechtbank heeft op grond van artikel 11, tweede lid, OLW de beslissing over de overlevering aangehouden omdat er een mogelijkheid bestaat dat binnen een redelijke termijn bij wijziging van de omstandigheden het vastgestelde reële gevaar van een onmenselijke of vernederende behandeling alsnog kan worden weggenomen.
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
3.De tussenuitspraken van 1 april 2026 en 13 mei 2026
the Remand Centre in Lódzen heeft de rechtbank een individueel gevaar van schending van de grondrechten van de opgeëiste persoon vastgesteld. Wat de rechtbank heeft overwogen en geoordeeld in deze tussenuitspraken moet als hier herhaald en ingelast worden beschouwd.
4.Artikel 11 OLW Pro Detentieomstandigheden in Poolse remand regimes
the Remand Centre in Lódz,als de overlevering zou worden toegestaan, uit te sluiten. In de tussenuitspraak van 13 mei 2026 heeft de rechtbank vastgesteld dat voor de opgeëiste persoon een individueel gevaar bestaat van schending van zijn grondrechten wegens de detentieomstandigheden in de detentie-instelling in
Lódzals de overlevering zou worden toegestaan.