Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBAMS:2026:6092

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
18 juni 2026
Publicatiedatum
15 juni 2026
Zaaknummer
C/13/783627
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 196 RvArt. 197 lid 2 RvArt. 194 RvArt. 195 RvArt. 195a Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing verzoek inzage cryptotransacties en persoonsgegevens na online beleggingsfraude

De eiser is slachtoffer geworden van online beleggingsfraude via het platform Horizons28, waarbij hij tussen juni en augustus 2025 meer dan €650.000 heeft overgemaakt voor cryptovaluta die naar blockchainadressen van de fraudeurs zijn verzonden. Na het constateren dat opname van beleggingen niet mogelijk was, deed eiser aangifte van fraude en liet onderzoek verrichten naar de bestemming van de cryptovaluta. Dit onderzoek leidde tot de conclusie dat een aanzienlijk deel van de cryptovaluta via een nested service-constructie is herleid tot het platform van Kyrrex, geëxploiteerd door Kyrrex Ltd en Rex Ltd.

Eiser verzocht de rechtbank op grond van artikel 196 Rv Pro om Kyrrex Ltd en Rex Ltd te bevelen binnen veertien dagen inzage te geven in persoonsgegevens en mutatieoverzichten van de accounts gekoppeld aan de betreffende depositadressen en transactiecodes. Tevens werd een dwangsom van €50.000 per dag bij niet-naleving gevorderd, met een maximum van €500.000, en veroordeling in proceskosten.

De rechtbank oordeelde dat zij rechtsmacht heeft op grond van artikel 3 sub a Rv Pro en Brussel I-bis verordening, en dat Nederlands recht van toepassing is. Omdat de verwerende partijen niet zijn verschenen en geen verweer hebben gevoerd, werd het verzoek niet afgewezen op grond van procesrechtelijke gronden. De rechtbank stelde vast dat eiser voldoende belang heeft bij de gevraagde gegevens en dat het verzoek niet in strijd is met de goede procesorde.

De rechtbank wees het verzoek toe, legde de gevorderde dwangsom op en veroordeelde Kyrrex Ltd en Rex Ltd hoofdelijk in de proceskosten van €1.556. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en bepaalt dat de gegevens digitaal en doorzoekbaar moeten worden verstrekt binnen vijftien dagen na betekening.

Uitkomst: Verzoek tot inzage in cryptotransacties en persoonsgegevens wordt toegewezen met dwangsom en proceskostenveroordeling.

Uitspraak

RECHTBANK Amsterdam

Civiel recht
Zaaknummer / rekestnummer: C/13/783627 / HA RK 26-55
Beschikking van 18 juni 2026
in de zaak van
[eiser],
wonende te [woonplaats],
verzoekende partij,
hierna te noemen: [eiser],
advocaat: mr. M.A. Hupkes,
tegen

1.de vennootschap naar het recht van St. Vincent en de Grenadines KYRREX LTD,

gevestigd te Kingstown, St. Vincent en de Grenadines,
2. de vennootschap naar Maltees recht
REAL EXCHANGE (REX) LTD,
gevestigd te Saint Julian, Malta,
verwerende partijen,
hierna te noemen Kyrrex Ltd en Rex Ltd,
niet verschenen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift, binnengekomen ter griffie op 19 februari 2026.
1.2.
Er heeft geen mondelinge behandeling plaatsgevonden, omdat Kyrrex Ltd en Rex Ltd niet hebben gereageerd op het verzoek van de rechtbank te laten weten of zij gehoord wensen te worden op het verzoek van [eiser].
1.3.
De beschikking is bepaald op vandaag.

2.De feiten

2.1.
[eiser] is in de periode juni tot en met augustus 2025 slachtoffer geworden van online beleggingsfraude via het platform Horizons28. Nadat hij zich via de website van dat platform had aangemeld, is hij benaderd door personen die zich voordeden als medewerkers van Horizons28 en hem hebben bewogen aanzienlijke bedragen te investeren. Daarbij heeft [eiser] in totaal meer dan € 650.000,- overgemaakt ten behoeve van de aanschaf van cryptovaluta, die vervolgens naar door de fraudeurs aangewezen blockchainadressen zijn verzonden.
2.2.
Toen [eiser] in augustus 2025 een deel van zijn vermeende belegging wilde opnemen, bleek dat niet mogelijk. Hij heeft daarop op 4 september 2025 aangifte gedaan van fraude.
2.3.
[eiser] heeft vervolgens onderzoek laten verrichten naar de bestemming van de door hem verzonden cryptovaluta. Uit dat onderzoek blijkt volgens [eiser] dat een aanzienlijk deel van de cryptovaluta uiteindelijk terecht is gekomen op depositadressen die via een zogenoemde nested service-constructie zijn te herleiden tot het platform van Kyrrex, dat volgens [eiser] gezamenlijk door Kyrrex Ltd en Rex Ltd wordt geëxploiteerd.

3.Het verzoek

3.1.
[eiser] verzoekt de rechtbank, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, Kyrrex Ltd en Rex Ltd te bevelen binnen veertien dagen na de te geven beschikking in digitale vorm inzake het account dat is gekoppeld aan de volgende depositadressen:
[depositiadres 1]
[depositiadres 2]
[depositiadres 3]
[depositiadres 4]
[depositiadres 5]
[depositiadres 6]
[depositiadres 7]
alsmede de volgende transactiecodes:
[transactiecode 1]
[transactiecode 2]
[transactiecode 3]
[transactiecode 4]
[transactiecode 5]
[transactiecode 6]
[transactiecode 7]
de bij hen bekende identificerende gegevens te verstrekken, te weten:
- de volledige voornamen en achternaam;
- de geboortedatum;
- het laatst bekende woonadres;
- het bij de ‘onboarding’ gebruikte identiteitsbewijs;
- de gezichtsscan en/of foto;
- het IP-adres van het gebruikte apparaat;
- telefoonnummer en emailadres;
alsmede de mutatieoverzichten te verstrekken over de periode van 26 juni 2025 (de dag van de eerste overboeking naar de fraudeurs) tot en met de dag van de te geven beschikking.
3.2.
Daarnaast verzoekt [eiser] de rechtbank te bepalen dat Kyrrex Ltd en Rex Ltd een dwangsom verschuldigd zijn van € 50.000,- indien niet binnen de termijn aan het bevel wordt voldaan, vermeerderd met € 50.000,- per dag zolang de overtreding voortduurt, met een maximum van € 500.000,-. Tot slot vraagt [eiser] de rechtbank om Kyrrex Ltd en Rex Ltd te veroordelen in de proceskosten.
3.3.
Aan zijn verzoek legt [eiser] ten grondslag dat hij de gevraagde gegevens nodig heeft om zijn rechtspositie te kunnen bepalen en om te beoordelen of hij een civielrechtelijke procedure (op grond van onrechtmatige daad) kan instellen tegen de personen of entiteiten die de uit fraude afkomstige cryptovaluta hebben ontvangen, dan wel tegen Kyrrex Ltd en Rex Ltd zelf.

4.De beoordeling

Rechtsmacht en toepasselijk recht
4.1.
[eiser] woont in Nederland. Kyrrex Ltd is gevestigd in Saint Vincent en de Grenadines en Rex Ltd in Malta. De zaak heeft daarom een internationaal karakter. De rechtbank zal (ambtshalve) beoordelen of haar rechtsmacht toekomt en welk recht van toepassing is.
4.2.
Op grond van artikel 3 sub a Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) heeft de rechtbank rechtsmacht om kennis te nemen van het verzoek van [eiser] tegen Kyrrex Ltd.
4.3.
De rechtsmacht ten aanzien van Rex Ltd moet worden beoordeeld aan de hand van Brussel I-bis [1] , nu het geschil zowel formeel, materieel als temporeel onder het toepassingsgebied van die verordening valt. Rex Ltd is gevestigd in Malta. De aan het verzoek ten grondslag gelegde voorgenomen vordering betreft een vordering uit onrechtmatige daad. [eiser] stelt (onweersproken) dat de schade zich in Nederland heeft voorgedaan. Op grond van artikel 7 lid 2 Brussel Pro I-bis is de Nederlandse rechter daarom bevoegd.
4.4.
Het verzoek is gebaseerd op artikel 196 Rv Pro. Dit betreft formeel procesrecht. Op grond van artikel 10:3 BW Pro is Nederlands recht van toepassing.
Het verzoek
4.5.
Voordat een procedure aanhangig is, kan een belanghebbende de rechter verzoeken om inzage in, afschrift van of een uittreksel van gegevens (zie artikel 196 Rv Pro). Het verzoekschrift voorlopige bewijsverrichtingen moet op grond van artikel 197 lid 2 Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) inhouden:
a. een kernachtige omschrijving van het geschil of de gebeurtenis waarop het verzoek betrekking heeft en de gronden van het verzoek,
b. de aard en het beloop van de vordering,
c. de naam en woonplaats van de wederpartij of de redenen waarom de wederpartij onbekend is.
4.6.
[eiser] heeft aan de formele eisen van het verzoekschrift voldaan. Op grond van artikel 196 lid 2 Rv Pro moet de rechtbank het verzoek toewijzen, tenzij zij van oordeel is dat:
- de informatie die wordt verlangd, niet voldoende is bepaald
- er onvoldoende belang bij de voorlopige bewijsverrichting bestaat
- het verzoek om voorlopige bewijsverrichtingen in strijd is met de goede procesorde
- er sprake is van misbruik van bevoegdheid of
- als er andere gewichtige redenen bestaan die zich verzetten tegen de voorlopige bewijsverrichting.
4.7.
Omdat Kyrrex Ltd en Rex Ltd niet zijn verschenen, is geen beroep gedaan op één van voornoemde afwijzingsgronden. Dat betekent dat de rechtbank alleen kan toetsen of het verzoek om voorlopige bewijsverrichtingen in strijd is met de goede procesorde (zie Parl. Gesch. Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht 2024/II.33.5/Nota naar aanleiding van het Verslag, waarin wordt verwezen naar ECLI:NL:HR:2006:AX7774). Daarvan is geen sprake.
4.8.
Op het verzoek om inzage, afschrift of uittreksel van bepaalde gegevens zijn op grond van artikel 204 Rv Pro, de artikelen 194 Rv, 195 en 195a Rv van overeenkomstige toepassing. In deze artikelen is geregeld dat een partij bij een rechtsbetrekking tegenover degene die beschikt over bepaalde gegevens over die rechtsbetrekking recht op inzage, afschrift of uittreksel van die gegevens heeft als zij daarbij voldoende belang heeft. Degene die over de gegevens beschikt, ook als dit een derde is die geen partij is bij de rechtsbetrekking waarop de gegevens betrekking hebben, is verplicht daarvan inzage, afschrift of uittreksel te verstrekken, tenzij hem een verschoningsrecht toekomt of gewichtige redenen zich daartegen verzetten.
4.9.
[eiser] heeft onweersproken gesteld dat aan deze vereisten is voldaan. Gezien het voorgaande zal het verzoek om afgifte van de verzochte gegevens worden toegewezen voor zover dat betrekking heeft op informatie waarover Kyrrex Ltd en Rex Ltd zelf beschikken. Conform artikel 194 Rv Pro moet [eiser] de kosten van Kyrrex Ltd en Rex Ltd dragen die voor de verstrekking moeten worden gemaakt.
Dwangsom
4.10.
[eiser] heeft de rechtbank verzocht te bepalen dat Kyrrex Ltd en Rex Ltd bij gebrek aan tijdige of volledige nakoming van het bevel tot inzage/afschrift van de gevraagde gegevens een dwangsom verbeuren van € 50.000,- per dag zolang de overtreding voortduurt, met een maximum van € 500.000,-.
4.11.
De rechtbank ziet gelet op de aard van de gevorderde inzage, het belang van [eiser] bij tijdige verkrijging van de gevraagde gegevens, het uitblijven van enig verweer van Kyrrex Ltd en Rex Ltd en de noodzaak de nakoming van het bevel voldoende te waarborgen, aanleiding de gevorderde dwangsom toe te wijzen. De rechtbank acht de hoogte van de gevorderde dwangsom, mede gelet op de ernst van de gestelde feiten en de hoogte van de vermeende schade, gerechtvaardigd.
Proceskosten
4.12.
Nu het verzoek wordt toegewezen, zal de rechtbank Kyrrex Ltd en Rex Ltd, zoals verzocht, veroordelen in de proceskosten (inclusief nakosten). De proceskosten (inclusief nakosten) van [eiser] worden begroot op:
- griffierecht
714,00
- salaris advocaat
653,00
(1 punt × € 653,00)
- nakosten
189,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.556,00

5.De beslissing

De rechtbank
5.1.
wijst het verzoek toe en beveelt Kyrrex Ltd en Rex Ltd inzake het account dat is gekoppeld aan de volgende depositadressen:
[depositiadres 1]
[depositiadres 2]
[depositiadres 3]
[depositiadres 4]
[depositiadres 5]
[depositiadres 6]
[depositiadres 7]
alsmede de volgende transactiecodes:
[transactiecode 1]
[transactiecode 2]
[transactiecode 3]
[transactiecode 4]
[transactiecode 5]
[transactiecode 6]
[transactiecode 7]
de bij haar bekende identificerende gegevens te verstrekken, te weten:
- de volledige voornamen en achternaam;
- de geboortedatum;
- het laatst bekende woonadres;
- het bij de ‘onboarding’ gebruikte identiteitsbewijs;
- de gezichtsscan en/of foto;
- het IP-adres van het gebruikte apparaat;
- telefoonnummer en emailadres;
alsmede de mutatieoverzichten te verstrekken over de periode van 26 juni 2025 (de dag van de eerste overboeking naar de fraudeurs) tot en met de dag van deze beschikking;
5.2.
bepaalt dat het verstrekken van inzage in en afschrift van de gegevens moet plaatsvinden uiterlijk 15 dagen na betekening van deze beschikking in een digitaal en doorzoekbaar formaat;
5.3.
veroordeelt Kyrrex Ltd en Rex Ltd tot betaling van een dwangsom van € 50.000,- voor iedere dag dat zij vanaf 15 dagen na betekening van deze beschikking niet aan het bevel in 5.1. voldoen, tot een maximum van € 500.000,- is bereikt;
5.4.
bepaalt dat [eiser] aan Kyrrex Ltd en Rex Ltd de kosten zal vergoeden die zij eventueel moeten maken voor het verstrekken van de afschriften, binnen twee weken nadat Kyrrex Ltd en Rex Ltd, onderbouwd met stukken, aan [eiser] opgave van die kosten heeft gedaan;
5.5.
veroordeelt Kyrrex Ltd en Rex Ltd hoofdelijk in de proceskosten van € 1.556,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als Kyrrex Ltd en Rex Ltd niet tijdig aan deze proceskostenveroordeling voldoen en de beschikking daarna wordt betekend,
5.6.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad,
Deze beschikking is gegeven door mr. M.E.M James-Pater, rechter, bijgestaan door mr. S.D. Gerick, griffier en in het openbaar uitgesproken op 18 juni 2026.

Voetnoten

1.de Verordening (EU) nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2012 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (Brussel I-bis)