Uitspraak
1.STADSHART B.V.,
2.
[eiser 2] C.V.,
1.De procedure
2.De feiten
De ouders hebben tijdens de zitting afgesproken dat [ktr.: het kind] in ieder geval bij de vader verblijft iedere week van vrijdag na school tot maandag naar school, onder voorbehoud dat er geen feestjes bij de vader plaatsvinden als [ktr.: het kind] daar verblijft.”
3.Het geschil
4.De beoordeling
weer een feestje met gelach, gillen, stampen en muziek en vrouwen” op zondag 21 september 2025, en “
weer een of ander seks feest (in elk geval weer vrouwen over de vloer en iedereen moet daar van meegenieten” op zaterdag 27 september om 00:38 uur. Voorts is op de beelden te zien dat in de nacht van vrijdag 2 op zaterdag 3 mei 2025 om 2:50 uur twee personen de woning verlaten, in de nacht van zaterdag 3 op zondag 4 mei 2025 één vrouw de woning rond 22:15 uur bezoekt en pas weer om 5:50 uur verlaat en dat in de nacht van zaterdag 1 op zondag 2 november 2025 om 03:25 uur drie personen de woning van [gedaagde] bezoeken. De onderburen hebben ten aanzien van 2 november 2025 aangegeven: “
Afgelopen weekend was het weer zover. Het begon zaterdagnacht om 3:25 pas.. ongelooflijk. Tot minimaal 5:30 wakker gelegen door al het gepraat in huis met meerdere mensen. Muziek stond zachtjes aan (geen harde muziek) maar wel hard genoeg dat het irriteert en je er niet meer van kan slapen.” Daaruit volgt naar het oordeel van de kantonrechter voldoende dat [gedaagde] ook na 8 april 2025 in de weekenden op late tijdstippen bezoek heeft ontvangen en daarbij overlast heeft kunnen veroorzaken. Daarbij komt dat bij de op 28 november 2025 afgesproken voorlopige omgangsregeling het, opmerkelijk te noemen en uitdrukkelijke voorbehoud is gemaakt dat er geen feestjes bij [gedaagde] plaatsvinden als zijn zoon daar verblijft, hetgeen de bevindingen van de buren ondersteunt dat er ook na 8 april 2025 nog regelmatig feesten hebben plaatsgevonden.