ECLI:NL:RBAMS:2026:4117
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst en ontruiming wegens forse huurachterstand
Verhuurder verhuurt sinds december 2019 een woning aan huurder, die een huurachterstand heeft opgebouwd. Na eerdere veroordeling tot betaling van een huurachterstand van bijna tienduizend euro, bleef huurder in gebreke. De huurachterstand bedraagt feitelijk circa negentien maanden.
Huurder is niet verschenen bij de mondelinge behandeling, maar erkent de achterstand en voert aan dat deze is ontstaan door werkloosheid en een depressie. Hij zit inmiddels in een schuldhulpverleningstraject en heeft een nieuwe baan. De kantonrechter weegt mee dat huurder een minderjarig kind heeft, maar dit kind woont bij de moeder, zodat ontruiming niet leidt tot dakloosheid.
De kantonrechter oordeelt dat de huurachterstand ernstig genoeg is voor ontbinding van de huurovereenkomst. Verhuurder heeft een gerechtvaardigd belang bij beschikbaarheid van de woning voor een andere sociale huurder. Huurder wordt veroordeeld tot ontruiming binnen veertien dagen na betekening, betaling van de achterstallige huur met wettelijke rente, een gebruiksvergoeding tot ontruiming en de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en huurder wordt veroordeeld tot ontruiming en betaling van achterstallige huur met rente en proceskosten.