Uitspraak
1.De procedure
- het verzoekschrift van 4 december 2025, met producties,
- het verweerschrift van 23 maart 2026, met een tegenverzoek en producties,
- de aanvullende stukken van [verzoeker] van 23 maart 2026,
- de aanvullende stukken van [verweerder] van 23 maart 2026.
2.De feiten
3.Het verzoek en het verweer
4.De beoordeling
bij afwijzing van het verzoek stelt de rechter het tijdstip van ontruiming vast”. De omstandigheden die aanleiding kunnen geven tot het achterwege blijven van een ontruiming (al dan niet vóór een bepaald moment), kunnen worden meegewogen bij de beoordeling van het verzoek tot verlenging van de ontruimingstermijn. De kantonrechter heeft die omstandigheden ook daadwerkelijk meegewogen bij de beoordeling van het (primaire) verzoek, maar dit heeft niet geleid tot toewijzing. Als het verzoek wordt afgewezen, zoals in dit geval, dan is er geen ruimte voor het uitspreken van een voorwaardelijke ontruiming maar moet het tijdstip van ontruiming worden vastgesteld. Het subsidiaire verzoek wordt daarom afgewezen.
acht wekenna betekening van de beschikking het door haar van [verweerder] gehuurde met al wie en al wat zich daarin vanwege [verzoeker] bevindt te