In deze huurzaak bij de Rechtbank Amsterdam gaat het om de kwalificatie van gehuurde loodsen als 290-bedrijfsruimte of overige bedrijfsruimte en de verlenging van de ontruimingstermijn. De huurder [verzoeker 3] huurt overige bedrijfsruimte en verzoekt om verlenging van de ontruimingstermijn met één jaar. De huurder [verzoeker 1] stelt dat hij 290-bedrijfsruimte huurt en verzoekt om niet-ontvankelijkverklaring van zijn verzoek, subsidiair verlenging.
De kantonrechter oordeelt dat [verzoeker 3] terecht een verzoek tot verlenging heeft ingediend en dat zijn belang bij verlenging groter is dan het belang van de verhuurder Schinkeldijkje B.V. bij ontruiming, mede omdat sloop pas in juli 2026 verwacht wordt. Daarom wordt de ontruimingstermijn verlengd tot 1 januari 2026 en een gebruikersvergoeding vastgesteld.
Ten aanzien van [verzoeker 1] stelt de kantonrechter vast dat onvoldoende is onderbouwd dat sprake is van 290-bedrijfsruimte. De huurovereenkomst noemt opslagruimte en het gebruik als kleinhandelsbedrijf is niet aannemelijk gemaakt. Het verzoek tot verlenging wordt daarom afgewezen, maar de huurder is wel ontvankelijk. De ontruiming wordt vastgesteld op 1 oktober 2025 met een gebruikersvergoeding vanaf 1 januari 2025 tot ontruiming.
De procedure wordt voor andere huurders aangehouden en de beslissing over proceskosten blijft open. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.