Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
bijlage 1die aan dit vonnis is
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
bijlage IIbij dit vonnis genoemde bewijsmiddelen.
Call me. You fucked me no problem just call me’.Daarnaast krijgt ‘ [naam 1] ’ van een gebruiker met de naam ‘ [naam 3] ’ details over aangever toegestuurd (
‘ [aangever] ’, ‘[nummer]’ en ‘Amsterdam’). In de chat met ‘ [naam 3] vraagt ‘ [naam 1] ’ om de volledige naam, foto’s of video’s van aangever. Hierop worden twee foto’s en de naam van aangever gestuurd.
Bro. Ik denk dat de gast hier is’en een foto van aangever. ‘ [naam 1] antwoordt hierop ‘
Doe niets. Ik heb al zijn gegevens’. Even later stuurt ‘ [naam 1] ’ ‘
daarom stress ik er niet over om hem buiten te pakken’.
‘ [aangever] , we weten dat je thuis bent. We weten waar je woont!’.Hij zag dat de man NN1 een wapen in zijn hand had. Het was een zwart wapen waarmee werd gezwaaid en hij herkende het gelijk als een vuurwapen. Hij omschrijft NN1 als een man met een donker getinte huiskleur. Hij zag dat de mannen vluchtten en in twee auto’s zijn gestapt. Een witte BMW met een Engels kentekenplaat en een donkere auto.
‘ [aangever] , we weten dat je thuis bent. We weten waar je woont!’.Verdachte had daarbij een vuurwapen met demper vast. Naar het oordeel van de rechtbank is de strekking van de bedreiging en de context waarin de bedreiging werd gedaan van dien aard dat bij aangeefster de redelijke vrees kon ontstaan dat hij het leven zou kunnen verliezen of zwaar gewond zou kunnen raken. In deze omstandigheden heeft verdachte ook op zijn minst genomen voorwaardelijke opzet gehad dat bij aangever de vrees zou ontstaan dat de bedreiging ten uitvoer gelegd zou kunnen worden. Daarbij acht de rechtbank het van belang dat voor verdachte duidelijk te zien moet zijn geweest dat de deur een kijkgat heeft, zodat - anders dan de raadsman heeft betoogd - de rechtbank van oordeel is dat verdachte ervan kon uitgaan dat aangever hem met het wapen kon zien.
bijlage IIvervatte bewijsmiddelen bewezen dat verdachte:
5.De strafbaarheid van het feit en van verdachte
6.Motivering van de straf
Voorts heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan bedreiging met de dood. Dit rekent de rechtbank verdachte aan, temeer nu verdachte een vuurwapen met bijbehorende munitie en een verboden mes bij zich had en daarmee daadwerkelijk gevolg had kunnen geven aan die bedreiging.
7.Beslag
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
16 (zestien) maanden.